Oldambt gaat naar de filistijnen. Of: kan het nog donkerder dan de Nacht van Winschoten? Ja!

bier-proost-696x463Ach, dit bericht was mij nog ontgaan. “De gemeente Oldambt heeft geen rekenkamerfunctie”. En Ger Klein, lijsttrekker van de nieuwe partij Gemeentebelangen waarschuwt dat de gemeente daarmee tegen de wet handelt.

Waarom verbaast mij dat nu niet? Ger Klein heeft zeker gelijk, maar het is de vraag wie daar in Winschoten van wakker ligt. De politiek in elk geval niet.

Het was me al opgevallen dat er nauwelijks notulen online staan en dat de website is afgeschermd voor zoekmachines.

Over integriteitsbeleid zullen we het maar helemaal niet hebben. Je zult er op de gemeentelijke website niets over vinden. Behalve dan enkele vrome wensen.

Ambtenaren en bestuurders die worden afgeschermd. Telefonische doolhoven. Doopceel lichten voor kleinigheden. Nee heb je, ja kun je zelden krijgen.

Slecht teken. Zouden er op het gemeentehuis mensen zitten die iets te verbergen hebben? Doet mij denken aan mijn vroegere woongemeente, waar de suikeroompjes en wietboeren meeaten uit de grote ruif. Zou het circus van corrupte heren die vroeger de VIP-loge van de BV Veendam bestierden, nu hun pijlen op Winschoten hebben gericht?

De gemeente Oldambt rolt van het ene rare akkefietje in het andere. Factory Outlet Centra, vierhonderd oosterse winkeltjes willen bouwen (alsof Sinterklaas is teruggekeerd uit Myra), achter de onroerend-goed-mannetjes aanrennen. Aannemertjes paaien. Tientallen miljoenen uitgeven aan fietsbruggen en lege scheepvaartkanalen. Maar nog niet eens in staat een fatsoenlijke toegangsrotonde te ontwerpen. Laat staan realistische plannen te maken voor een stad die lijdt onder vergrijzing, braindrain, een kwijnende middenstand en dagelijkse files in the middle of nowhere. Ja, af en toe een shantykoor of bejaardenorkest laten optreden om nog wat leven in de Olm-brouwerij te houden. Aambeien in plaats van waterbeien.

Niemand ook die, bij al die interessante investeerders die in de rij staan om Winschoten over te nemen en de gemeentekas te plunderen, vraagt om een klein integriteitsonderzoekje zo nu en dan. Of om de resultaten van eerdere integriteitsonderzoekjes, die op zijn minst vraagtekens zouden kunnen oproepen. “Winschoten heeft dringend behoefte aan investeerders”, jammert de wethouder haar ambtenaren na. Maar niemand die zich publiekelijk afvraagt hoe het is afgelopen met al die nare investeringen uit het Berkenbosch-tijdperk. Wie nu de pandjesbazen zijn. Wie nu aan de touwtjes trekt. Wie nu zijn kaarten zo inzet, dat de gemeente er in een volgende fase weer in zal moeten stinken. Hoe het bijvoorbeeld kan dat Muntendammer tegelzetters vele tientallen miljoenen die ze zelf niet hebben toch willen investeren. Hoe het kan dat het ziekenhuis zijn eigen verkoop financiert. Hoe het kan dat de slager zijn eigen vlees keurt. Hoe de nog niet witgewassen wietmiljoenen her en der lijken op te borrelen.

Neem de Oude LTS. Ik woonde daar ooit en zag een mij bekend patroon. Ambtelijk gemanipuleer om het pand in handen te spelen van een investeerder zonder eigen geld. Een college van B&W dat er bijna instonk, maar een eerlijke wethouder – nu eens niet uit het ons-kent-ons-circuit – die het spel correct speelde en zich daardoor in de kaarten liet kijken. Het zou hem later bezuren.

Of neem – recenter – het versjacheren van de Toekomst via een door de NMA wegens manipulatie van veilingen veroordeelde tussenhandelaar die met zijn ‘zakenpartners’ anderhalve ton uit de failliete boedel van Simon Benus weg sluist. En Coen Meijer (ook al zo’n oude bekende) die niet fatsoenlijk biedt op de veiling, maar pas achteraf zaken doet met de tussenhandelaar en dan onmiddellijk weer met de gemeente om de tafel schuift om klaar te krijgen dat hij het alleenrecht krijgt en dat concurrenten met smoesjes worden afgeserveerd. Hoe kan het anders, als je voor tien jaar lang al het wegenonderhoud in de zak hebt gekregen en alle concurrentie hebt weggemaaid en ondertussen nog andere klusjes toegespeeld krijgt ook (zoals het herinrichten wat niet heringericht had hoeven worden) .

B&W en de ambtelijke top zijn zich uiteraard van geen kwaad bewust. Een handjevol mannetjesputters, die – zo lijkt het van buitenaf – alleen maar met zichzelf bezig zijn. Een venijnig blaffende directeur met drie trouwe viervoeters en een twitterende burgemeester. Een perfecte speeltuin voor bijna gepensioneerde onderbaasjes die lekker hun gang kunnen gaan zolang de grote bazen bezig zijn met eigen ego. Of gespeelde domheid die buitenstaanders stilletjes de kans geeft uit de gemeentelijke snoeptrommel graaien. Toneelspelers, meelopers, saboteurs, heilige boontjes, verzopen zeelieden op de grote vaart, nieuwe boeren op geroofde grond, echte infiltranten en virtuele inbrekers.

Maar je hoeft maar enkele verhalen te kennen om een voorstelling te kunnen maken hoe het glibbert en glijdt. Niet voor niets heeft Hans Polman de lier aan de wilgen gehangen toen zijn collega’s toestonden dat er (ongetwijfeld op ambtelijke advies) in zijn portefeuille werd gerommeld. Net als eerder in Reiderland en Scheemda ten gunste van de grootschalige veehouderij, neem ik aan (wijlen Ruud Hietbrink kreeg ooit het flink voor zijn kiezen toen zijn enkele ambtenaren dommetje speelden).Tja, ik kan me wel ongeveer voorstellen wie er dan aan de touwtjes trekt. Hans speelde het spel trouwens correct, hield de eer aan zichzelf, maar het college kon het niet nalaten een trap na te geven.

En niet voor niets zit er minstens één wethouder die net zo gemakkelijk van partij wisselt als van overtuiging. Benoemd door andere partijen die net zo gemakkelijk van coalitiepartner wisselen als van principes. Er zijn andere belangen in het spel dan die waarvoor men zegt te staan, denk ik dan. On(t)roerende belangen. On(t)roerend goed.

Maar het wonderlijkste vind ik de gemeenteraad. Een bedompte kamer vol mannen en vrouwen op leeftijd, allemaal gedienstig voor hun eigen dorpsbelang, dat vooral. Maar (bijna) niemand die even de vraag stelt hoe bijvoorbeeld veertig winkeltjes gerealiseerd kunnen worden voordat we aan vierhonderd gaan denken. Waar het geld vandaan komt. Wie er profiteert. En wie juist niet. Wat mij hierin vooral treft is de hoge mate van onnozelheid die in deze context op zijn minst verwijtbaar is. Loyaal aan hun eigen partijbelang, maar niet loyaal aan de burgers. (Afgezien van tranen met tuiten).

Oost-Groningen lijdt onder achterstandssituaties – maar tegenwoordig ook geestelijke achterstand. Soms bekruipt me bij zulke situaties de gedachte dat een rechtvaardige dictatuur misschien wel beter zou werken dan een democratische huls die zijn eigen spelregels niet weet te respecteren.

Mijn idee: Oldambt wordt leeggeplunderd. Financieel maar ook moreel. De meeste politieke partijen worden aan het lijntje gehouden met wat sociaal beleid en dorpscliëntèlisme. Ook dat heb ik vaker gezien.

Eén maal per jaar bloeit Winschoten. Dat heb ik gemerkt toen ik er woonde. Dat is tijdens de Nacht van Winschoten. Maar niet bij het officiële podium, waar alcohol en Hollands populair elkaar versterken. Nee, aan de achterkant, waar de jeugd die is weggetrokken uit Winschoten voor één avond is teruggekeerd om zich op een normale manier te vermaken. Daar komen geen politici. Daar ben je even bij de tijd. Maar de volgende dag ontvluchten allen weer het ontspoorde bejaardenhuis waar zakkenrollers welig tieren.

Winschoten, RIP.

Geplaatst in Politiek / Politik / Politics, Uncategorized | Tags: , , , , | 1 reactie

EarthMatters debunked

Flat Earth -  Flammarion - L'atmosphère météorologie populaire (1888) 2

In hoeverre staan de ‘alternatieve’ media open voor eerlijke discussies? In hoeverre is men bereid niet alleen kritisch naar de wereld, maar ook kritisch naar zichzelf te kijken? De feitelijke censuur bij de grootste alternatieve website van Nederland, Earth-matters.nl, doet in elk geval vermoeden dat die bereidheid in sommige gevallen vrij gering is. Ook hier geldt de moderne Facebook-norm dat de duim altijd omhoog moet blijven staan. Wie meer wil, wordt vriendelijk verzocht af te haken.

Inderdaad, ik ben aardig flauw van Arjan Bos (de frontman van Earth-matters-nl) en zijn club. Eerst wordt mijn reactievenster op Facebook zonder vooraankondiging geblokkeerd en worden mijn postings geschrapt. Een gesprek gaat hij uit de weg. In plaats daarvan komt er na twee maanden een lullig berichtje, waarin Arjan mij beschuldigt van azijnpisserij, of erger nog: van laster, gal spugen, anderen voor rotte vis uitmaken en modder gooien. ‘Iedereen mag vinden wat hij wil, kritiek is prima’, schrijft Arjan, maar als de redactie meent dat de toonzetting afbreuk doet aan het effect van de boodschap, gaat de knop op rood. Als iets bij EarthMatters je stoort, kun je er maar beter ‘niet meer komen’ en de berichten niet meer lezen. En iets anders doen waar je wel ‘blij van wordt’. Dank je wel, Arjan, ik ben benieuwd waar jij dan blij van wordt. Soms moet ik erg lachen om de ‘onthullende’ filmpjes op EarthMatters. Maar dat was geloof ik niet helemaal de bedoeling, toch? Ach, ik geloof dat dit niet echt een goede plek is om hierop te reageren. Ik moest het dan ook eerst een paar weken op mij in laten werken, want ik kon het eigenlijk niet goed geloven. Maar ik zal toch iets schrijven.

Voor wie het niet weet: Earth-Matters.nl, gevestigd in het deftige Haren (Gr.), is de grootste alternatieve mediasite van Nederland, met bijna 24.000 volgers op Facebook (méér dan bijvoorbeeld de linkse politieke partijen). Website en webwinkel zijn in 2007 ontstaan uit een initiatief dat bedoeld was om anarchistische samenzweringstheorieën – of zoals dat besmuikt heet ‘een aantal verborgen zaken’ – in de New Age wereld te verspreiden. De Stichting EarthMatters (handelsnamen Truth Matters, Meeting Matters en Green IT Dynamics) organiseert onder de naam ONE Heart tevens maandelijkse lezingen over gezondheid, spiritualiteit, duurzaamheid en ‘verborgen nieuws’.

Hier mijn reactie: ‘Je gaat zelf het gesprek waarvoor je mij hebt uitgenodigd, Arjan, uit de weg. Je doet er twee maanden over om te reageren, komt met stevige beschuldigingen (waar ik me op geen enkele manier in herken), je zet mij (en terloops ook John Werkhoven. neer als ruziezoeker en moddergooier en praat vervolgens op een lullige manier uit de hoogte zonder op enig argument in te gaan. Want de meeste van mijn reacties waren wel degelijk grondig onderbouwd. Voor mij voelt dat als onrechtvaardig en arrogant, het doet me erg denken aan de manier waarop overheidsorganen hun critici afpoeieren, maar ik zal me daar nog maar even overheen zetten. Nog steeds heb ik geen idee waar ik in jouw ogen de fout in ben gegaan. Alleen maar vermoedens. En die zal ik hier voor me houden (maar niet helemaal, zie het einde van dit stukje).

Eigenlijk schrijf je dat ik als persoon niet welkom ben (‘vooral niet meer komen’) en datmijn reacties ongewenst zijn, omdat mijn toon te kritisch zou zijn en jullie teveel werk zou kosten (dat argument hoor je ook vaak van overheden die geen kritiek kunnen velen). En je denkt ook al bij voorbaat te weten hoe ik over de dingen denk. Dit zegt – denk ik – meer over jou dan over mij. Inderdaad, doe je werk goed. Als je ‘onthullende’ filmpjes maakt, controleer dan de feiten, in plaats van er op een demagogische manier onwaarheden in te verwerken zoals je nu doet (helemaal los van het feit of iemand het met jouw doelstellingen of conclusies eens of oneens zou zijn). (Ik wil je niet van leugens beschuldigen, maar het feit dat je onwaarschijnlijke beweringen die in je straatje passen niet even controleert, zegt wel iets over waarheidsliefde.) Als je WOB-aanvragen indient, ga dan eerst eens uitzoeken hoe dat wel moet. Als je aan politiek doet, leer dan de spelregels van open discussie, in plaats van je met achterhaalde leninistische theorieën te verschansen in het eigen gelijk en medestrijders die kritiek op jouw aanpak hebben uit te maken voor ‘gecontroleerde oppositie’. En stop vooral ook te flirten met antisemieten en halve terroristen.

Mijn grootste kritiekpunt: EarthMatters plaatst zich langzamerhand buiten de spelregels van het democratische debat. Het speelt in op de diepe bezorgdheid over het lot van onze planeet die we allemaal delen, lokt de verontruste en vaak naïeve lezers met een breed scala van onderwerpen en weet aan bijna al deze onderwerpen dezelfde politieke draai te geven: we worden bedrogen door het hele politieke, economische en ideologische systeem, bijna alle politici, ondernemers en wetenschappers belazeren de zaak (tenzij hun ‘de schellen van de ogen vallen’). En we moeten ons daarom achter de alternatieve oplossingen scharen die EarthMatters ons aanbiedt. (En als het even kan ook nog de webwinkel van de eenmansfirma Orongo spekken – KVK 011500989 met de geregistreerde handelsnaam: EarthMatters, ‘Gespecialiseerde detailhandel via postorder en internet in overige non-food’). En mijn grootste zorg: de onverdraagzame, agressieve en soms zelf vijandige toon ten opzichte van alle vermeende en werkelijke tegenstanders, de hevige staat van overstuur zijn, de diepe onderbuikgevoelens waarop telkens weer wordt ingespeeld. (Daarentegen leidt een beetje kritiek op dwaalgeesten uit het New Age kamp dus al snel tot afwijzende reacties).

Shit happens, de wereld is onrechtvaardig, de machtigen streven naar macht, de rijken naar rijkdom, de ideologen naar het eigen gelijk. Daar is echt niks mis mee, wat misgaat, is de manier waarop wij daarmee omgaan. Wil je daaraan samen iets veranderen, dan zul je in de eerste plaats geduldig, verdraagzaam en vasthoudend moeten blijven. En er geloof in moeten blijven houden dat je miljoenen medestanders hebt die samen de gelijkhebbers kunnen overtuigen van hun ongelijk. Telkens weer.’

En tenslotte als aanvulling: een posting, die voor de redactie kennelijk niet door de beugel kon, ging over David Icke. Ik noemde hem – naar aanleiding van een filmpje op EarthMatters over kindermisbruik: ‘een naargeestige vampier die zich vol zuigt me de reële angsten en angstig makende fantasieën die de ronde doen in de op hol geslagen uithoeken van de “alternatieve” media. Allemaal om zelf meer aandacht te krijgen en zijn eigen ego te strelen.’ Ik sta daar nog steeds helemaal achter. Maar kennelijk ben ik met die opmerking over een grens gegaan, want Icke is een van de idolen van EarthMatters. Voor zijn boeken wordt op de site van EarthMatters veel reclame gemaakt. Voor wie het nog niet weet: Icke betoogt dat onze wereld wordt bestuurd door reptielenmensen afkomstig van een andere planeet, die af en toe mensenbloed nodig hebben om in leven te blijven. Vandaar de pedo-complotten, waarover de alternatieve media geregeld berichten. Complotten die de wereldleiders zouden proberen toe te dekken. Of Icke dit voor waarheid houdt, of dat het slechts een metafoor is voor zijn grotere verhaal over de Nieuwe Wereldorde, is niet helemaal duidelijk. Maar er nog steeds veel mensen in de ban zijn van dergelijke complottheorieën, vind ik op zijn zachts gezegd ‘zorgelijk’.

Geplaatst in New Age, Politiek / Politik / Politics, Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

De fabel van lactose- en glutenvrij eten

Tarweveld bij Hazerswoude

Sommige berichtjes zetten je aan het denken. Op één punt heeft de Belgische natuurgenezer Stef Mintiens namelijk helemaal gelijk: de voedingsmiddelenindustrie – ook de ‘alternatieve’ bedrijven – maakt schaamteloos gebruik van onze angst voor gluten en lactose (melksuiker). ‘Glutenvrije voedingsmiddelen zijn een miljardenbussiness geworden’, schreef Die Zeit onlangs, ‘Iedere maand brengen multinationale concerns nieuwe producten op de markt. Het glutenonderzoek maakt hoogtijdagen door en produceert duizenden wetenschappelijke artikelen’. In de Amerikaanse markt voor glutenvrije producten ging in 2011 maar liefst 1.3 miljard dollar om en men verwachtte een verdere stijging van ruim 10 procent per jaar.

En dat terwijl naar schatting maar 0.6 procent van de West-Europeanen last heeft van coeliaki en 5 procent van lactose-intolerantie. De meesten van ons stammen nu eenmaal af van honderd generaties akkerbouwers en zestig generaties veetelers. Kinderen die dit voedsel minder goed konden verteren, hadden een verminderde overlevingskans. In andere delen van de wereld, waar vanouds weinig koemelk werd gebruikt, is de overgevoeligheid voor lactose veel wijder verbreid.

Maar moeten we in plaats daarvan bang zijn voor tarwe en gepasteuriseerde koemelk? Dat is wat Mintiens in zijn recente blog (een voorproefje van zijn nieuwe boek) beweert. Onze tarwe zou genetisch zover afstaan van de tarwe van onze grootouders, dat maar liefst 30 procent van de mensen er last van zou hebben. En 90 procent van de mensen zou niet goed tegen koemelkeiwitten kunnen. Daarom raadt Mintiens aan ‘gezonde, volwaardige granen zoals spelt, kamut, quinoa en rogge’ te eten dan wel ‘biologische, oude, niet gemanipuleerde tarwerassen … die we gelukkig nog vinden in Duitsland, Zuid-Frankrijk en Italië’.

Laat ik voorop stellen dat voedingspatronen voor iedereen anders uitpakken. Dagelijks een paar sneden volkoren tarwebrood bevalt mij persoonlijk uitstekend, te veel melk geeft me een opgeblazen gevoel en soja bezorgt me – net als bonen – darmkrampen. Daar hoeft op zich niks mis mee te zijn. Kool, uien en koolraap zijn hartstikke gezond, maar onze voorouders wisten al heel lang dat je daar ook erg winderig van kunt worden. Als je ergens last van hebt, valt er iets te onderzoeken. Je kunt producten laten staan waar je beroerd van wordt, genoegen nemen met enig ongenoegen of zelfs de vraag stellen of je iets voelt omdat je verwacht het te voelen. En dan is er nog niks mis.

Maar Mintiens, een voormalige tandarts die zich op homeopathie en acupunctuur heeft toegelegd, beweert iets anders: grote groepen mensen zouden last hebben van tarwe- of koemelkintolerantie. En daarom kunnen ze maar beter deze producten vermijden. De vraag is natuurlijk voor mij of zijn argumentatie klopt.

De medische literatuur onderschrijft zijn beweringen in elk geval niet. In de VS lijdt ongeveer 0.4 procent van de kinderen en 0.5 pct van de volwassenen aan tarweallergie. En de allergie voor koemelkeiwitten treft ongeveer 2 tot 3 procent van de kinderen in de Westerse wereld. Beide allergievormen verdwijnen vaak als de kinderen opgroeien. Overgevoeligheid voor gluten – anders dan tarwegluten – is daarentegen mogelijk veel wijder verspreid dan we tot dusverre dachten. Het treft – zo meent men nu – ongeveer 5 tot 6 procent van de bevolking. En voor deze mensen vormen andere granen (of bijvoorbeeld geitenmelk) meestal geen alternatief.

Tarwe en spelt

Van koemelk heb ik minder verstand. Wel een beetje van granen. Als zoon van een tarweboer die tot de kenners van zijn vak behoorde, weet ik aardig hoe het er in de moderne landbouw toegaat. De hedendaagse tarwe is een plant die oorspronkelijk in de natuur niet als zodanig voorkwam. Er zijn grofweg drie soorten tarwe. De (tweerijïge) eenkoorn stamt direct van wilde grassen af. De (vierrijïge) emmertarwe is zo’n 15.000 jaar geleden ontstaan door een spontane kruising (hybridisatie) van eenkoorn met een andere grassoort. Beide tarwesoorten werden zo’n vijfduizend jaar later door de eerste landbouwers in het Midden Oosten gezaaid en geoogst. Uit de emmertarwe ontwikkelde zich de harde tarwe (durum- of macaronitarwe), die relatief veel eiwit bevat en vanouds in het Midden Oosten en rond de Middelandse Zee wordt verbouwd. Nauw verwant hieraan is de khorasantarwe, die tegenwoordig door Amerikaanse boeren onder de merknaam kamut® op de markt wordt gebracht. Door volgende kruisingen ontstonden de zesrijïge tarwesoorten, die meer gluten bevatten en zich daardoor beter voor het broodbakken lenen – waarschijnlijk eerst spelt, daarna de gewone tarwe. De oudste tarwe die voldoende gluten bevatte om brood te bakken, is gevonden in Griekenland en dateert van ongeveer 1350 v.Chr.

In de loop der eeuwen ontstonden duizenden regionale varianten en werden de aren en de korrels steeds zwaarder, zonder dat men hier bewust naar streefde. Dat veranderde rond 1870, toen boeren door bewuste selectie van zaaizaad nieuwe, productievere graanrassen ontwikkelden. De genetische diversiteit binnen de gezaaide gewassen nam daardoor af, maar doordat partijen zaaizaad over de hele wereld werd versleept, nam de diversiteit aan beschikbare variëteiten op den duur weer toe. De opbrengsten stegen met sprongen: in Nederland van 2500 tot 3000 kg per ha in 1920, 3500 tot 4000 kg in 1950 tot 8 à 9000 kg rond de eeuwwisseling. Daarvoor waren vooral de moderne landbouwtechnieken verantwoordelijk: mechanische grondbewerking, gebruik van natuurlijke meststoffen, kunstmest, herbiciden, pesticiden, fungiciden en groeiremmers. De tarwe zelf veranderde niet wezenlijk. Dit verhaal geldt in principe voor alle tarwesoorten, ook voor spelt en voor de macaronitarwe die in Zuid-Europa wordt geteeld. Bij spelt zijn de opbrengsten beduidend lager (6-7000 kg), maar de prijs is navenant hoger. Het gewas neemt bovendien genoegen met armere bodems.

Boeren en zaadfirma’s bleven bezig de opbrengsten te verbeteren, zonder dat er sprake was van enige vorm van genetische manipulatie, zoals William Davis ten onrechte in zijn boek Wheat Belly beweert (zie de stevige kritiek van de voedingsdeskundige Julie Jones; en hier nog een andere recensie). Ook in de VS is het nog steeds niet toegestaan GMO-tarwe te verhandelen, al groeit de politieke druk om dit wel te doen. Recentelijk was er nog een rel in Montana vanwege ontsnapte planten uit proefvelden.

Wat wel is veranderd, is ons dieet. Tarwe was in Nederland en België (afgezien van het Zuidwesten en de grote steden) een luxeproduct. Tot omstreeks 1950 aten de mensen voornamelijk aardappelen, gegaard roggebrood, havermout en boekweit. De bekende volkskundige J.J. Voskuil (van Het Bureau) heeft daarover ooit een prachtig artikel geschreven. Dat het dieet van de Wheat belly lijkt te werken, is volgens mij vooral een gevolg van de reductie in calorieën die hiermee gepaard gaat. We hebben het gewoon te goed.

En wat ook is veranderd, is de toegenomen macht van de grote voedselconcerns. Mintiens duidt daarop als hij probeert uit te leggen waarom moderne tarwe minder gezond zou zijn dan de tarwe die een halve eeuw geleden werd gegeten.

Ik ga het probleem van de tarwe heel sterk vereenvoudigd uitleggen: vroeger zaaide de boer zijn tarwe en hield bij de volgende oogst pakweg 5% aan de kant als zaaigoed voor het volgende jaar. In de loop van de eeuwen werden door kruising en selectie “betere” variëteiten bekomen. Zaaigoedfabrikanten vinden het niet zo leuk dat boeren op die manier zelfbedruipend zijn en verkopen liefst zoveel mogelijk zaaigoed, elk jaar opnieuw. Als je twee “soorten” met mekaar kruist, neem bijvoorbeeld een paard en een ezel , dan zijn de “nakomelingen” onvruchtbaar (een muildier of een muilezel). Als je Tarwe dus kruist met een grassoort, krijg je hetzelfde resultaat: onvruchtbare korenaren.

Inderdaad is het probleem bij de ontwikkeling van nieuwe tarwerassen dat de plant zelfbestuivend is, zodat je heel moeilijk systematisch stuifmeel van de ene variëteit naar de bloeiende planten van een andere variëteit kunt overbrengen. Daarom was zaadselectie vroeger een moeizaam proces. Om die reden hebben de grote concerns hybridisatiestoffen uitgevonden, waardoor de vrouwelijke plant tijdelijk geen stuifmeel produceert. Je kunt dan een hele partij zaaizaad in één keer bestuiven, zonder jarenlange selectie. De firma Hybrinova (in 1998 opgekocht door DuPont) ontwikkelde hiervoor in 1993 het middel Croisor®, dat vooral in Europa wordt gebruikt; Monsanto ontwikkelde het middel Genesis.

Maar in de volgende generatie wordt de bestuiving weer gewoon aan de natuur overgelaten. Er is dus geen sprake van onvruchtbare korenaren! En de belangrijkste genetische eigenschappen van de tarwe blijven onveranderd, want de kruising vindt plaats binnen dezelfde ondersoort. De schrijver zit er op dit punt volledig naast.

Wat evenmin klopt, is Mintiens’ bewering dat dit hybride zaad op grote schaal in ons tarwebrood zou worden verwerkt. Hybride tarwesoorten worden tot dusverre vrijwel alleen in Frankrijk geteeld. Daar komt inderdaad een groot deel van ons broodgraan vandaan. Maar het ging in 2012 om 210.000 ha, niet meer dan zo’n 4 procent van de tarwe die in Frankrijk werd geproduceerd. Buiten Frankrijk ging het nog eens om 40.000 ha. Daarmee valt de belangrijkste onderbouwing voor zijn stellingen weg.

Een belangrijk probleem is overigens wel dat deze nieuwe eigenschappen worden geclaimd door de grote fabrikanten en dat de boeren voortaan het zaadgoed verplicht via hen moeten kopen. Niet het hele pakket trouwens, want kunstmest en bestrijdingsmiddelen komen (voor een groot deel) van andere leveranciers. Het patentrecht is in de meeste landen van de EU nog vrij gematigd. Maar de graangiganten proberen hun rechten steeds verder naar Amerikaans model ten kosten van de boeren uit te bouwen. Daarover vindt een felle juridische en politieke strijd plaats, ook in Nederland, onder andere in de Beleidsadviescommissie Landbouwzaaizaden van het Productschap Akkerbouw. Over dit octrooirecht publiceerden juristen van de Wageningen University in 2009 een boeiend rapport, dat ik iedereen kan aanbevelen: Veredelde zaken – De toekomst van de plantenveredeling in het licht van de ontwikkelingen in het octrooirecht en het kwekersrecht.

Blijft de vraag waarom mensen die overgevoelig zijn voor tarwe vaak wel speltbrood kunnen verdragen. En dat terwijl het om verwante soorten gaat, die beide uit de grootschalige akkerbouw komen. Er zijn aanwijzingen dat dit wel degelijk te maken kan hebben met het type gluteneiwitten in de spelt. Ook de gluten in eenkoorn schijnen bij deze mensen minder agressief te werken. Tarwegluten bevatten – zo ontdekte hoogleraar Detlev Schuppan uit Mainz – agressieve eiwitten, die op mensen die daarvoor gevoelig zijn als een pesticide werken. Die tarweallergie is bovendien niets nieuws – ook vroeger kwam dit al voor in de vorm van bakkersastma. En waarschijnlijk namen veel mensen genoegen met een dagelijke dosis buikpijn zonder dat ze wisten waar dat van kwam.

Koemelk

Hoe zit het dan met onze overgevoeligheid voor melkeiwitten? Die zou volgens Mintiens door ‘generaties lang gebruik’ van gepasteuriseerde melk inmiddels zijn ‘ingebouwd in onze erfelijkheid, want kinderen die nog nooit koemelk aten of dronken blijken er ook intolerant voor te zijn’. Helaas, dat lijkt mij medisch vrijwel onmogelijk. Het gros van de Nederlanders (en Belgen) drinkt eerst sinds een of twee generaties gepasteuriseerde melk. Gewoonlijk duurt het zeker vijf tot tien generaties – met de daarbij behorende sterftepatronen – voordat genetische eigenschappen zich in de bevolking doorzetten. Ook hier lijkt de redenering niet te kloppen, zonder dat het probleem – als dat al in die mate bestaat – afdoende verklaard is.

Naturalistische dwaling

Wat resteert, is vooral Mintiens’ diepste overtuiging dat onbewerkte producten gezonder zijn dan bewerkte producten. Ieder technologisch proces, of het nu zaadselectie of pasteurisatie is, zou ons verder afbrengen van de natuur. Het is een voorbeeld van een redenering die filosofen de naturalistische dwaling noemen – de gedachte dat iets per definitie beter zou zijn als het dichter bij de natuur staat.

Historisch gezien is deze geconstrueerde tegenstelling tussen mens en natuur het product van de negentiende-eeuwse Romantiek. De eigenwijze mens bestempelt de buitenwereld als natuur en definieert zijn eigen beheptheden als cultuur – daarbij voorbijgaand aan het feit dat hij zelf deel uitmaakt van die ‘natuur’ en dat de waarneming daarvan alleen door zijn eigen ogen kan plaatsvinden. Er bestaat geen natuur buiten de mens, en er bestaat al helemaal geen onaangetaste menselijke natuur die gemakkelijk ontdaan kan worden van het vernis der beschaving. Wij zijn allemaal cyborgs – mengvormen van lichamen en techniek, zoals de feministische filosofe Donna Harraway treffend heeft opgemerkt. ‘Terug naar de natuur’ is een mythe die ontkent hoezeer ons hele leven is ingebed in de hybride mengvormen die het moderne bestaan kenmerken. Mengvormen die ons in toenemende mate afhankelijk maken van elkaar en van de rap slinkende draagkracht van onze planeet.

Mythen en fabels helpen soms om iets duidelijk te maken. Ze kunnen ook veel maskeren. Voor mij persoonlijk is de belangrijkste reden om weinig zuivelproducten te gebruiken vooral een kwestie van sociale verantwoordelijkheid – het enorme beslag dat veeteelt doet op de natuurlijke reserves van onze planeet. Quinoa koop ik uit principe niet – de vraag van de rijke westerlingen heeft dit basisvoedsel in de landen van herkomst onbetaalbaar gemaakt. En het is waar: bij de teelt van spelt worden minder meststoffen, fungiciden en pesticiden gebruikt dan bij tarwe. Ook dat is mooi meegenomen. Maar ja, die volkorenboterhammen smaken me nog steeds uitstekend…

Geplaatst in Filosofie / Philosophie / Philosophy, Gezondheid, New Age | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

‘Niet om geld en macht, maar om waarden’

Botsende waarden? (overgenomen van http://www.pakistani.im)

‘Het nieuwe gevecht tussen oost en west gaat niet om geld of macht, maar om waarden’, stellen de initiatiefnemers van het nieuwe discussieplatform Jalta.nl in De Volkskrant van 18 september 2014.

Inderdaad. Op het eerste gezicht heel wat zinniger dan het geëmmer van Wouter Bos in dezelfde krant, die stelt dat ‘hun’ nog niet zo ver zijn als ‘wij’. Of de verzuchting van Frans Timmermans dat de halve wereld boos op ‘ons’ is, omdat onze vrije manier van leven zoveel meer te bieden zou hebben dan de hunne. Hoewel het natuurlijk óók gaat om geld en macht, om grondstoffen en voedsel.

De beide initiatiefnemers hebben intussen een flinke reputatie opgebouwd. De evangelische liberaal Joshua Livestro is de oprichter van het conservatieve blog De Dagelijkse Standaard, waar de strijdbijl dagelijks naakt op tafel ligt. En GeenStijl-publiciste Annabel Nanninga, die volgens eigen zeggen ‘geen boodschap aan gekwetsten’ heeft, hoeft ook niet over haar negatieve karma te klagen. Hier wordt ik geloof ik niet vrolijker en al helemaal niet wijzer van.

Toch nog maar eens de H.J. Schoo-rede van Frans Timmermans nagelezen. Niet altijd met instemming, soms met grote vraagtekens, maar wel met plezier. Een doordachte visie van een bevlogen politicus die de mensen centraal blijft stellen.

En Timmermans heeft gelijk: het gaat om een manier van leven, misschien niet altijd op de manier zoals hij het schetst – het begint immers altijd met inkeer en innerlijke vrijheid. Maar de compassie staat daarin centraal en de waarden die wij lichtvaardig ‘Europees’ noemen (democratie, mensenrechten, geloofsvrijheid en individuele verantwoordelijkheid), weerspiegelen de leerweg die de hele mensheid met vallen en opstaan doorloopt. Of we het nu hebben over de vijf zuilen en de tien geboden of over – wat dichter bij mij staat – de zes deugden en het achtvoudige pad.

Het gaat om een manier van leven, ingebed in diepere waarden die niet zomaar pasklaar uit de hemel komen vallen, maar die wij in verdiept contact met onszelf, met de ander en met elkaar tot ontwikkeling brengen. Iedere stem wil gehoord worden, ieder lichaam telt, ieder ziel weegt even zwaar – en de sleutel tot deze inzichten ligt in ons diepere zelf. Zo vertaal ik deze diepere waarden maar even. En als je dat realiseert, weet je ook dat gemakzuchtige kritiek op de ‘Westerse’ waarden uiteindelijk de grondslag van ieder vreedzaam samenleven, van menselijke waardigheid en innerlijke keuzevrijheid aantast.

In de nieuwe Koude Oorlog komen zulke diepere waarden gemakkelijk onder druk te staan. Het eigen gelijk gaat zwaarder tellen. De snel gekwetste ego’s vinden dankbaar onderdak in pasklare ideologieën en retorische arena’s, waarin de eigen stem alleen nog op de versterkte echo van gelijkgezinden stuit. Werkelijke belangen – conflicten om grondstoffen, voedsel, geld en macht – verhullen zich in botsende wereldbeelden, die al te gretig door partijdige veelschrijvers omarmd worden. De ellende zit ‘m niet alleen bij de Lievestro’s en hun rechtse vrienden. Ook in de ‘alternatieve’ media is men vaak zo verblind door zelfhaat en afkeer van de ‘Westerse’ waarden, dat het autoritaire wereldbeeld van de tegenstander klakkeloos wordt overgenomen – zonder diens eigenbelang daarbij nog duidelijk te kunnen zien. En dat alles is zorgelijk. Om Timmermans te citeren:

‘In de grote schatkamer van menselijke kennis – het internet – raakt goede journalistiek vermengd met slechte propaganda’.

Daar kunnen Livestro en Nanninga wat mij betreft nog een puntje aan zuigen.

Geplaatst in Boeddhisme / Buddhism, Politiek / Politik / Politics | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

‘Graag Delen: Wetenschappers genezen kanker, maar niemand heeft interesse!’

Complottenguru Kraven

Onder mijn Facebookvrienden zwerft weer eens een twijfelachtig berichtje met een giftige ondertoon rond. Een lullig bericht met een hoog propagandagehalte, dat de lezer rijp maakt voor  complottheorieën. En voor gevaarlijke vormen van zelfmedicatie…

Graag Delen: Wetenschappers genezen kanker, maar niemand heeft interesse!

Canadese onderzoekers hebben een eenvoudige remedie gevonden voor kanker, maar grote farmaceutische bedrijven zijn niet geïnteresseerd. … De methode maakt gebruik van dichlooracetaat, wat momenteel wordt gebruikt om metabole stoornissen te behandelen. Er is dus geen bezorgdheid voor bijwerkingen of over de lange termijn. Dit medicijn heeft geen patent nodig, dus iedereen kan het gebruiken op grote schaal en is goedkoop in vergelijking met de dure kankermedicijnen geproduceerd door de grote farmaceutische bedrijven.

Je leest eerst iets wat je raakt (wetenschappers genezen kanker) en je neemt dan het tweede deel (de grote firma’s hebben geen interesse) voor waarheid aan. Laat je niet in de luren leggen door fantasten als Kraven, Anton Teuben en Maurice Wasbauer! Ze fucken met je mind om hun eigen gelijk te krijgen en jou in hun politieke net te vangen.

Het is een oud bericht uit 2007 over Canadees onderzoek met muizen. De resultaten werden breed uitgemeten in de media om daarmee geld voor verder onderzoek te genereren. Dat lukte inderdaad. Het onderzoek werd in 2010 afgerond met een wat vage conclusie – namelijk dat het middel in sommige gevallen werkzaam zou kunnen zijn. Vijf mensen met hersenkanker werden behandeld, één overleed, de overige vier leefden nog aan het einde van het onderzoek. The New Scientist, die enthousiast over het oorspronkelijke onderzoek berichtte, heeft dan ook in 2011 gewaarschuwd voor ongegrond optimisme.

Het grootste probleem: het wondermiddel dichloorazijnzuur (DCA) is weliswaar goedkoop, maar ook giftig en kankerverwekkend! Artsen waarschuwen voor het gevaar van leverfalen als mensen dit op eigen houtje gaan proberen.

Tuurlijk klopt het dat grote firma’s nauwelijks investeren in onderzoek dat weinig winst belooft. Ik ben allesbehalve een kankerdeskundige, maar het zou goed kunnen dat hier een goed middel is gevonden voor bepaalde soorten kanker. Maar let wel: kanker is niet meer dan een verzamelnaam voor extreme celgroei. Daarvan zijn er maar liefst honderd varianten met hele verschillende oorzaken en hele verschillende behandelmethoden.

Zolang we kanker beschouwen als een ziekelijke afwijking, blijven we zoeken naar oorzaken,  schuldigen en wondermiddelen. Naarmate mensen ouder worden, neemt het risico om kanker te krijgen toe. Soms is dat een aanwijsbare beroepsziekte, maar vaak is de oorzaak minder duidelijk. Kanker bestond vóór de twintigste eeuw ook, maar in veel mindere mate. Mensen gingen eerder dood aan andere, minstens zo gruwelijke ziekten. In mummies en skeletten is overigens wel prostaatkanker en beenmergkanker vastgesteld.

Sinds de jaren zeventig wijten we het groeiende kankerrisico aan de toename van ‘vrije radicalen’ bij het ouder worden. Kanker als een soort ouderdomswrat. Heel wat alternatieve behandelingen knopen hierbij aan. De handel in voedingssupplementen (ook via de ‘alternatieve’ media) verdient miljoenen aan onze doodsangst. Gojibessen zijn een mooi voorbeeld, zorgvuldig in de markt gezet door handige verkoopconcerns, maar vaak volgepompt met het gif dat de Chinese boeren onder hun heesters spuiten.

Op dezelfde manier gaan we er ook van uit dat blootstelling aan chemische (en natuurlijke!) gifstoffen het kankerrisico vergroot. Hier is het de handel onbespoten groente en fruit, die profiteert van onze angst. Veel mensen kopen biologische producten in eerste instantie niet omdat ze beter zouden zijn voor de natuur en de toekomst van onze planeet (wat niet vanzelfsprekend is), maar in verband met hun eigen gezondheid.

Groot is dan ook de paniek als mensen ondanks hun gezonde leefstijl toch nog kanker krijgen. En het ligt dan ook voor de hand om ergens een schuldige te gaan zoeken, bij voorkeur in de ziekmakende maatschappij of bij de tekortschietende medische wetenschap. Alsof iedere ziekte niet bij jezelf begint. En alsof ziekte, veroudering en dood niet helemaal bij het leven horen. Of zoals Boeddha zei: het zijn de enige zekerheden die we hebben.

De vraag blijft of kanker is toegenomen omdat we gemiddeld zoveel ouder worden of omdat we vaker worden blootgesteld aan chemische (en natuurlijke) gifstoffen. De Canadese benadering kiest als ik het goed begrijp een derde mogelijkheid – door aan te knopen bij onze veranderde voedingsgewoonten en leefstijl.

In een recent artikel wordt dan ook gesteld dat kanker een heel normaal lichaamsproces is – een normale verdedigingsreactie van het lichaam op gewijzigde omstandigheden. Behandeling zou dan ook niet het tumor moeten aanvallen, maar aanknopen bij de verstoorde afbraak van suikers (glycolyse) in de cellen. Nieuw methoden – zoals een gericht diëet –  lijken veelbelovend te zijn. Maar die staan nog maar aan het begin.

Wat mij intussen het meest stoort bij de complotdenkers is niet de valse hoop die zij rondstrooien. Of de gevaarlijke suggesties die zij doen (dokter Kraven schrijft letterlijk: ‘er is dus geen bezorgdheid voor bijwerkingen’). Het is eerder het narcisme dat zij propageren, alsof de wereld om henzelf draait. En alsof de wereld ook om jou draait. Alsof je anderen altijd de schuld kunt geven van al het naars wat jou zelf kan overkomen. Ze nemen je bij de hand en brengen je naar een wonderlijke wereld van schurken die het op jou gemunt hebben, en helden die jou met hun hoopvolle boodschap gaan redden. En die boodschap is een politieke boodschap, een antidemocratische ideologie waarin de uitersten van links en rechts – gewelddadig anarchisme, antisemitisme en christenfundamentalisme – elkaar raken, maar waarachter de contouren van de nieuwe Koude Oorlogspropaganda zichtbaar worden.

Grow up! Shit happens! Het rad van avontuur dat leven heet, kan heel gemakkelijk vandaag of morgen ook bij jou stoppen. Daar is niks mis mee. Het gaat er maar om hoe je er zelf mee omgaat. ‘Sterven doe je iedere dag’, schrijft de zenboeddhiste Irène Kyojo Bakker.

We maken allemaal deel uit van die ene wereldsamenleving, alles hangt met alles samen, of we het nu leuk vinden of niet. Big Pharma bestaat niet, we worden niet met opzet ziek gehouden. Er zijn wel duizenden winstbeluste medicijnenfirma’s die proberen politieke invloed uit te oefenen en ondertussen niet alleen ons, maar ook elkaar bestelen. En er zijn honderdduizenden firma’s die de planeet uitputten en ons ongezond maken, omdat dat de goedkoopste oplossing is, sommige klein en naïef, andere heel groot en doortrapt. Dat is kapitalisme. En daar is allemaal niks mis mee, zolang je dat maar blijft realiseren. En er zijn tienduizenden idealisten – ook medici – die het goed met de mensheid voor hebben, die iedere dag hun werk blijven doen, proberen te voorkomen dat het grote geld regeert en op hun manier hun stem blijven laten horen.

De vraag is dan waar jij staat. Aan de zijlijn, waar je ongestoord naar het Grote Complot kunt kijken en je opsluiten in de vermeende veiligheid van alternatief koopgedrag en kleinschalige fantasieën. Of in het speelveld, waar waarheid, macht en geld constant om voorrang strijden, maar waar jij telkens weer met anderen de keuzes kunt maken.

Geplaatst in Gezondheid, New Age, Politiek / Politik / Politics | Tags: , , , , , , | 7 reacties

Schone handen, zuiver geweten, rein lichaam?

Wiel van het onderling afhankelijke ontstaan

We leven met (ruim) zeven miljard mensen op deze planeet. Er leven meer mensen gezond, goed gevoed en in vrijheid op aarde dan ooit tevoren. Ook in percentages.

En dit dankzij een economisch systeem dat de hulpbronnen van onze planeet uitput en de rijken rijker maakt. Punt.

Dagelijks lees ik wat er mis gaat. En dagelijks lees ik ook de opgewonden berichten van vrienden en bekenden die heldere oplossingen hebben gevonden. Oplossingen die inhouden dat we ons moeten losmaken van de materiële wereld die ons omringt en de duistere krachten die onze medemensen misleiden.

Telkens lees ik dat alles wat goed is, ook ‘natuurlijk’ is en dat alles wat fout is een ‘kunstmatig’ karakter heeft. Ik lees dat we schone handen, een zuiver geweten en een rein lichaam kunnen houden als we bepaalde dingen doen en andere dingen laten. En dat allemaal in overeenstemming met de wetten van de natuur, die al overal aan de mensheid zouden zijn geopenbaard. Maar waarvan de kennis ons wordt onthouden door kwaadwillende mensen die alleen het eigenbelang nastreven.

Ik word daar moe van. Minstens zo moe als van de dagelijkse ellende waar de traditionele media ons op trakteren. En waarom? Omdat deze opgewonden berichten zo vaak onderdeel zijn van de illusie die ze zeggen te bestrijden.

Ik daag iedereen die eenzijdig uit dit systeem wil stappen uit om zijn huidige inkomensbron stop te zetten, de stekker uit het stopcontact te trekken, eventuele medicatie, brillen en andere hulpmiddelen weg te gooien. Ik daag iedereen uit uitsluitend nog van zelf verbouwd voedsel te leven, zich te hullen in zelf vervaardigde kledingstukken, chronische ziekte en een vroegtijdige dood blijmoedig te accepteren, en de verdediging van geliefden tegen minder vreedzame buren zelf ter hand te nemen. En ik wens hem of haar van harte een volle buik, voldoende warmte, gezondheid, veiligheid en vooral veel liefde toe.

Het lijkt mij een boeiend avontuur om de rijken en machtigen de rug toe te keren. Te stoppen hen te overtuigen dat een koerswijziging nodig is. Op te houden compromissen te sluiten, in gesprek te blijven of te luisteren. Ons af te keren van de rechtstaat, de politiek en massamedia, omdat ze nooit zullen zeggen wat wij graag van ze willen horen. En blijmoedig te blijven lachen als ambtelijke willekeur, misleiding en geweld over ons heen rollen.

Maar ik weet ook dat de overgrote meerderheid van de zeven miljard mensen op onze planeet zich krachtig zal verzetten tegen iedere streven hen terug te voeren naar een karig bestaan zonder voedsel, kleding, gezondheidszorg, informatie en bescherming tegen geweld die de moderne samenleving hun biedt. Of die nu kunstmatig zijn of niet. En ik ben ervan overtuigd dat zo’n stap nu al zal betekenen dat minstens driekwart van de wereldbevolking vroegtijdig zal gaan sterven.

Het is verleidelijk om op Gods stoel te gaan zitten en blauwdrukken voor de toekomst te ontwerpen. Blauwdrukken die we vervolgens anderen willen voorschrijven. Dat is zoals onze voorouders dat hebben gedaan en zoals wetenschappers, industriëlen en politici het nog vaak bedoelen.

Het is nog verleidelijker om wetenschappers, industriëlen en politici de schuld van al het leed te geven en te denken dat hun blauwdrukken voor dat leed verantwoordelijk zijn. Alsof zij op Gods stoel zitten en wij voor dit alles geen eigen verantwoordelijkheid hebben.

We maken allemaal deel uit van de ketens van onderlinge afhankelijkheid die de Boeddha ons heeft laten zien. Niet alleen in spirituele, ook in materiële zin. Alles hangt met alles samen, wij kunnen ons nooit losmaken van de andere mensen en de omstandigheden waarin zij leven. Niet van de armen en onderdrukten, ook niet van de rijken en machtigen. Sterker nog, zelf behoren we in Nederland – vergeleken met negentig procent van de wereldbevolking – ook tot de rijken en machtigen van deze planeet, ook al beleven wij dat vaak anders.

We kunnen ons niet losmaken van de natuur, omdat we er zelf deel van uitmaken. Eeuwenlang achtten de mensen zich beter dan de wreedheden om hen heen. Nu verheerlijken we een natuur waarvan we het harmonische karakter zelf hebben uitgevonden. Zonder de mens is er geen natuur. Het onderscheid hebben we zelf bedacht. En het is een illusie.

De pijn van afgescheidenheid in ons binnenste verleidt ons telkens weer tot gemakkelijke dromen, waarin we denken zelf in staat te zijn de ketens van afhankelijkheid eigenhandig te doorbreken.

De enige weg loopt via mededogen en zelfinzicht. Acceptatie van de banden die ons met onze medemensen (rijk en arm) en met de niet-menselijke natuur (voedend en alles verslindend) verbinden. Aanvaarding ook dat onze haat tegen de rijken en machtigen vooral een projectie is van de afkeer van de donkere kant in onszelf.

Het is onze diepste opdracht ons in liefde te verbinden met al onze medemensen en met de niet-menselijke natuur, onze liefde niet alleen te delen met hen die leed wordt aangedaan, maar ook met degenen die in overvloed leven omdat zij niet anders denken te kunnen. Ons in mededogen en zonder oordeel te verbinden met iedereen die wil werken aan het verminderen van leed en pijn. Verbinden, overtuigen en strijden, maar ook vrede stichten.

Geplaatst in Filosofie / Philosophie / Philosophy, New Age, Uncategorized | Tags: , , , | 2 reacties

Secularisering in het Groningerland

Bespreking van het boek van Jonn van Zuthem, Harde grond: Kerkelijke verhoudingen in Groningen, 1813-1945, Assen: Van Gorcum 2012 (Groningse Historische reeks).

Gepubliceerd in: Religie & Samenleving 8 (2013), 344-348

Sommige boeken lenen zich goed voor een samenvatting, andere vragen om repliek. Er zijn ook boeken waar weinig op is aan te merken, maar die de lezer toch verleiden tot beschouwingen van een hele andere orde. Het boek dat de historicus Jonn van Zuthem schreef over de kerkelijke verhouding in Groningen gedurende de lange negentiende eeuw (1813-1945) is een degelijke studie naar de secularisering in deze provincie. Het beschrijft het uiteenvallen van de hervormde volkskerk, het ontstaan van gereformeerde geloofsgemeenschappen en de opkomst van de onkerkelijkheid. Zoals bekend, liep Groningen bij dit alles voorop. In de noordelijke kleistreek begon de Afscheiding onder leiding van Hendrik de Cock, in de hoofdstad van de provincie bevond zich de thuishaven en een van de belangrijkste bolwerken van de vrijzinnigheid in Nederland, en in Oost-Groningen leidde de opkomst van het socialisme tot een snelle ontkerkelijking die elders nauwelijks zijn weerga had. Het waren processen, die nauw met elkaar verweven waren, die ieder een ander geografisch zwaartepunt hadden, maar die uiteindelijk het kerkelijke leven in alle hoeken van deze provincie hebben gekleurd. Zelfs de theologische haarkloverijen die aan het einde van deze periode tot het ontstaan van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt leidden, kwamen het eerst tot uitbarsting in het Groningerland. Voldoende redenen om aan dit onderwerp een nadere studie te wijden.

Van Zuthems studie is het resultaat van een project dat werd gefinancierd door de Stichting Erven A. de Jager. De erfenis van dit oude drukkersgeslacht wordt stelselmatig ingezet om het onderzoek naar de historie en cultuur van de provincie Groningen te stimuleren. En dat met een uitstekend resultaat: tientallen blinde vlekken en halfvergeten onderwerpen zijn de afgelopen jaren voor het voetlicht gebracht, met als hoogtepunt de driedelige Geschiedenis van Groningen onder eindredactie van hoogleraar Maarten Duijvendak. Ook Van Zuthem schreef hierin een mooie bijdrage.

Toch kan Van Zuthems nieuwe boek mij niet in alle opzichten bevredigen. Niet omdat het een slecht boek zou zijn. Integendeel, aan de hand van statistisch materiaal en enkele diepgravende case-studies weet de auteur een uitstekend overzicht te geven van het proces van secularisering en de tendens tot confessionalisering die daar weer een reactie op vormde. Beginnend met het piëtisme en de verlichting – stromingen die hier diep geworteld waren – schetst hij een beeld van geleidelijke modernisering, waardoor het politieke en religieuze leven in deze welvarende landbouwprovincie volledig werd getransformeerd. Het is een verhaal dat wordt gekleurd door sociale tegenstellingen: tussen vrome kleine luiden en ruimhartige notabelen, tussen arme landarbeiders en rijke herenboeren. Het is ook een verhaal dat wordt gekenmerkt door verticale banden van wederzijdse trouw en onderlinge verplichtingen – tussen orthodoxe patroons en hun vrome achterban, tussen liberale opinieleiders en linkse volksbewegingen. En het is een verhaal van onderlinge conflicten, oude bondgenootschappen en nieuwe coalities, die tot profilering van de eigen stroming en verkettering van tegenstanders leidden.

De complexiteit van deze processen, de geografische en sociale verscheidenheid, de faseverschillen, de ongelijktijdigheid van het gelijktijdige – het zijn elementen die in een dergelijke analyse centraal dienen te staan. Ze komen in Van Zuthems boek uitvoerig aan de orde. Maar toch voel ik me bij het lezen onbevredigd. Misschien wel omdat ik daarbij geregeld de emoties mis, de mensen van vlees en bloed, de couleur locale, de authentieke geloofservaring en de wederzijdse herkenning die mij met het verleden bindt.

Orthodoxie

Boerderij van Otto Knotnerus Czn. te Nieuw-Scheemda, 1891

Degenen die mij kennen, weten dat ik uit een orthodox-hervormd milieu kom. Getekend door de christelijk-sociale wereld van het orthodoxe midden, erfelijk belast met de morele benepenheid van de evangelisatieprediking en behept met de gezagsgetrouwheid en het maatschappelijke verantwoordelijkheidsgevoel dat de christelijk-historischen vroeger eigen was. Mijn overgrootvader was in 1895 landbouwer in Nieuw-Scheemda, een energieke veertiger met een zwart pak, strikte, naar het piëtisme neigende opvattingen en gehuwd met een jongere vrouw uit het orthodoxe Oostwold, die haar godsdienstige opvoeding had gekregen op een kostschool in het Friese Spannum, waar de geest van het Réveil nog volop leefde.

Het orthodoxe web was wijd uitgesponnen; het omvatte honderden boerenfamilies, tientallen bevriende predikanten, theekransjes, leeskringen en een netwerk van dweperige kostschoolvriendinnen die in veel gevallen ook de huwelijken van hun verwanten arrangeerden. Het reikte van deftige familie Thomassen à Thuessink van der Hoop, die de jaarlijkse pinksterfeesten in het Slochterbos voor hun geloofsgenoten uit de hele streek organiseerde, tot aan eenvoudige landarbeiders, die soms hun halve leven hadden geaarzeld om belijdenis af te leggen, zolang de diaconie hen daartoe tenminste niet dwong. Het web van betekenissen reikte veel verder: boekenwijsheid verbond zich met overlevering, verhalen over God en Oranje, levensgeschiedenissen, gekleurd door heroïek en zelfvernietiging, godsvertrouwen dan wel eigenwaan.

Mijn overgrootouders en hun medestanders waren ronduit ontevreden over de vrijzinnige preektrant van ds. Menzo de Muinck Keizer, een statige oude heer die vaak afwezig was, omdat hij de boekhouding van een ijzergieterij in Martenshoek beheerde. De hervormde kerkdiensten werden slecht bezocht, niet door de arbeiders, evenmin door de liberale boeren die de predikant hadden aangesteld en nog minder door hun vrouwen. Toen in 1895 hun jongste zoon werd geboren, trotseerde het echtpaar het gezag van de dorpspredikant en lieten ze het kindje dopen in Oostwold door diens rechtzinnige tegenstander Jan Piers Eringa. Op de terugweg stopte de koets voor het huis van de 91-jarige overgrootvader, die de dopeling zegende.

Datzelfde jaar nog richtte mijn overgrootvader een hervormde evangelisatievereniging op, samen met zijn buurman Sieto Robert Mellema (eveneens landbouwer), twee landarbeiders en een watermulder. De diensten werden in de leegstaande voorkamer van een oude boerderij gehouden; als voorganger trad de 39-jarige evangelist Renger Dijkstra op, een voormalige koetsier uit Groningen die de gave van het woord bezat en door zijn eenvoudige geloofsgenoten op handen werd gedragen. Vijftien jaar later verrees het evangelisatiegebouwtje Eltheto (‘Uw koninkrijk kome’), gefinancierd door de beide boeren, maar bestuurd door het arbeidersvolk en enkele middenstanders, die met hun gezinnen het lokaaltje iedere zondag tot aan de nok toe vulden. Sociale conflicten werden met de mantel der naastenliefde bedekt. Een evangelist die in 1922 de kant van de stakende landarbeiders koos en de jonge boeren – behorend tot een volgende generatie – voor ‘wolven in schaapskleren’ uitmaakte, moest dan ook vertrekken.

Voormalige Nederlands-Hervormde kerk te Nieuw-Scheemda

Nog slechts een handvol boerenfamilies maakte gebruik van de grote kerk. Alleen bij de tienjaarlijkse stemmingen wist de kerkenraad zoveel lidmaten – zowel boeren als middenstanders en arbeiders – bij elkaar te krijgen dat de orthodoxen buiten spel bleven staan. De begroting was echter niet meer sluitend te krijgen, zodat de kerkvoogden tenslotte in 1928 de predikant moesten laten gaan. Drie jaar later verkregen de orthodoxen de meerderheid. Nadat de schulden waren gesaneerd, kon men tenslotte in 1942 een rechtzinnige predikant benoemen die het vertrouwen van beide groepen genoot. De gedeelde afkeer van de Duitse bezetter, de doorbraakgedachte en de theologie van Karl Barth maakten het uiteindelijk mogelijk dat theologische rechtzinnigheid en politieke vooruitgangsidealen elkaar vonden.

Desondanks zette de ontkerkelijking zich door, niet uit afkeer van de kerk, maar als beleefde desinteresse. De meerderheid van de landarbeiders stuurde de kinderen aanvankelijk nog wel naar de zondagschool, de predikant was welkom bij huisbezoek en onmisbaar bij begrafenissen, maar het kerkelijke fundament brokkelde steeds verder af. Toen kerkvoogd Jur Mellema (inmiddels de derde generatie) in 1962 voorstelde het zeventiende-eeuwse kerkgebouw te slopen, kwam het hele dorp weliswaar daartegen in actie, maar de vergrijsde groep kerkgangers smolt langzaam weg. Uiteindelijk duurde het tot 1982, voordat de laatste kerkgangers overgingen naar het orthodoxe Eexta en het kerkgebouw werd overgedaan aan de Stichting Oude Groninger Kerken.

Het verhaal van deze orthodoxe evangelisatie is typerend voor Oost-Groningen. Er was geen dorp zonder deze confessionele onderstroom, en waar de orthodoxen er alsnog in slaagden de meerderheid te krijgen (zoals in Eexta en Oostwold), splitsten meestal de vrijzinnigen zich af. De Nederlandse Protestantenbond had zijn eigen evangelisatiegebouwtjes, waarin de laatste erfgenamen van het modernisme mokkend standhielden tegen de dubbele bierkaai van linkse onkerkelijkheid en kerkelijk confessionalisme.

Misverstanden

Waarom deze uiteenzetting? Omdat er over het thema van de ontkerkelijking zoveel hardnekkige misverstanden bestaan. Mijn bejaarde vriend en leermeester Berend Koning, met wie we in 1985 een boek over de dorpsgeschiedenis maakten, wist het ooit raak te zeggen: ‘het is niet zo dat wij landarbeiders ongelovig zijn, maar we komen niet in de kerk omdat dat politiek is’.

Het is mij dus wat te gemakkelijk de snelle ontkerkelijking van het Groningerland toe te schrijven aan de vrijzinnigheid, hetzij als een gevolg daarvan of als een reactie daarop. Dat laatste deed bijvoorbeeld de socioloog E.W. Hofstee (in zijn schitterende sociografie Het Oldambt uit 1937). Hij stelde dat het vertrek van de landarbeiders uit de kerk vooral te wijten was aan het feit dat hun passend ‘geestelijk voedsel werd onthouden’.

‘Bij hun harde en moeilijke leven paste geen tere, zachtmoedige godsdienstvorm. Het idee van een strenge, ja harde God, die velen verwerpt, lag voor hen voor de hand. Hun hele bestaan was moeilijk en zwaar; een optimistische kijk op het leven kon van hen niet worden verwacht.’

Dit beeld – waaraan ook Van Zuthem niet helemaal ontkomt – klopt namelijk niet. De ontkerkelijking van de landarbeiders volgde die van de boeren op de voet. De denkbeelden die in het deftige vooreind van de boerderij werden omarmd, belandden ook in de boerenschuren. Het linkse liberalisme uit de boerenherbergen ontwikkelde zich, gekleurd door de lectuur en de sprekers die men uitnodigde, in de dorpen tot een vorm van ondogmatisch socialisme, dat nog het meest werd gekenmerkt door de leuze ‘helpt uzelven’.

Maar het omgekeerde deed zich ook voor. Een orthodoxe elite, terend op de half verdrongen herinneringen aan oranjeoproer en kerkelijke onverzettelijkheid, nam de leiding in het bijeenrapen van de verdwaalde schapen, het verbinden van balsturige dorpsgemeenschappen zoals Wagenborgen en Onstwedde, en het leggen van contacten naar de hogere echelons van de samenleving. En de eenvoudige vromen, die zich niet thuis voelden onder dit kerkelijk geweld, haakten af. Dat begon al in de strijd rond de volkspetitionnementen van 1853 en 1878, en de pogingen grip te krijgen op het openbare onderwijs. Het is het verhaal van de antithese, een term die ik bij Van Zuthem maar enkele keren ben tegengekomen, maar die door zijn radicale karakter de Nederlandse religieuze geschiedenis doet afsteken ten opzichte van het gebeuren in de buurlanden, waar geloof en politiek niet zo scherp tegenover elkaar zijn komen te staan als bij ons.

Het is niet zo dat wij niet geloven, stelde daarom de links-liberale voorman Sam van Houten in zijn populaire boek Bijdragen tot den strijd over God, eigendom en familie uit 1883. Maar, vervolgde hij, de definities van godsdienst, bezit en moraliteit, die de confessionelen ons willen opdringen, delen wij niet.

De geblokkeerde God

De Franse filosoof Bruno Latour spreekt in dit opzicht wel van de geblokkeerde God, de doorgestreepte God, le dieu barré. Het moderne denken heeft het religieuze besef al vanaf het begin van de verlichting toegewezen aan het domein van het hogere, het transcendente. Daarmee verdween het geloof uit het dagelijks leven, uit de natuurwetenschappen, uit de politiek en uit de betekenisgeving.

De theologen hebben zich daarbij neergelegd. En de politieke elites die zich het meest met de heersende kerk verbonden voelden, hebben zich het domein van het transcendente vervolgens toegeëigend. De geloofservaring werd onderdeel van een hogere werkelijkheid, die als het ware van buitenaf morele voorschriften en ervaringsmodellen aan de gelovigen oplegde. Ik overdrijf een beetje, alleen maar om duidelijk te maken dat het mes van de ontkerkelijking aan twee kanten snijdt. Wat in verdrukking komt, is de authentieke geloofservaring van levende mensen, die geworteld is in hun dagelijkse praktijk, in hun strijd om te overleven, in hun gedachten en hun gewone pleziertjes.

De vrijzinnigen misten de directe toegang tot deze geleefde werkelijkheid, ze bereikten de ‘harten van de mensen’ niet, zoals hun rechtzinnige tegenstanders treffend vaststelden. De orthodoxen slaagden daar weliswaar beter in, maar daarvoor moest een zware tol betaald worden.

Ik zou hier nog meer kunnen schrijven over de extremen. Over de lotgevallen van de orthodoxie, maar ook over hun radicale tegenstanders, de Multatulianen, anarchisten en vrijdenkers, die gebruik maakten van hetzelfde fonds aan religieuze ervaringen en religieuze taal om hun gelijk te bewijzen. Ze ontbreken helaas in deze studie. Er zijn opvallende raakvlakken: het passieve revolutiegeloof van de anarchisten, als een geloof dat de revolutie spontaan uit de lucht zou komen vallen, een soort Polynesische cargocult, leek opvallend veel op het vertrouwen dat hun orangistische voorouders hadden in de macht van de stadhouder. Niet voor niets werd Domela Nieuwenhuis door de Friese veenarbeiders ‘onze verlosser’ genoemd. En er zijn meer raakvlakken die zich op de politieke kaart van Noord-Nederland en het aangrenzende Duitse gebied haarscherp aftekenen. De belangrijkste bolwerken van het achttiende-eeuwse piëtisme werden in de tweede helft van de twintigste eeuw bolwerken van de sociaaldemocratie. Het ongepolijst volkse, naar binnen gekeerde en op waarachtigheid gerichte denken van de piëtisten zette zich ook in het linkse liberalisme en anarchisme voort, soms zelfs tot op de dag van vandaag.

In dit verband zouden we het ook kunnen hebben over de maatschappelijke arena, de politieke en religieuze strijd tussen rechtzinnigen en vrijzinnigen, die van dorp tot dorp werd gevoerd met hele verschillende uitkomsten. Maar ik wil toch meer aandacht vragen voor het midden, de authentieke geloofservaring, nog niet gemangeld tussen rationalisme en transcendent Godsgeloof.

Ik ben ervan overtuigd dat juist in dat miskende midden de sleutel zit voor de vraag waarom de secularisering zich op de ene plek zoveel sneller heeft doorgezet dan de andere. En ik heb ook het vertrouwen dat in dit midden, in het midden van de dingen, in medias res (aldus Michel Serres), in de middenweg van de vier edele waarheden en het achtvoudige pad, zoals dat in een hele andere geloofstraditie heet, de belangrijkste oplossing ligt voor de spirituele crisis die veel tijdgenoten nu menen te ervaren.

Haren, 19 juli 2013

Geplaatst in Geschiedenis / Geschichte / History | Tags: , , , , , , , , , , , | 1 reactie